“Consultatie is samen puzzelen”
Psychotherapeut en hoogleraar Arjan Videler over het normaliseren van kennisdelen door middel van consultatie.
Een uitwisseling via de email, een videogesprek of een telefoontje: voor psychotherapeut en bijzonder hoogleraar psychotherapie bij ouderen aan Tilburg University Arjan Videler is consultatie een krachtige manier van samenwerken. “Het gaat er niet om een oordeel te vellen of een hapklaar antwoord te bieden, maar om samen na te denken,” zegt hij. “Samen puzzelen, noem ik het vaak.” Arjan werkt bij TOPGGz-afdeling PersonaCura van GGz Breburg, waar hij ouderen met persoonlijkheids- en ontwikkelingsstoornissen behandelt. Binnen de door Akwa GGZ geïnitieerde pilot Consultatie in de GGZ deelt hij zijn expertise over autisme met collega’s uit het hele land.
Onderbehandeling bij ouderen
Arjan ziet in de praktijk dat ouderen met psychische problematiek vaak onderbehandeld zijn. “Ze worden gezien als ‘te oud’ of ‘uitbehandeld’ terwijl er soms nog veel mogelijk is,” zegt hij. Behandelaren weten niet altijd hoe ze deze problematiek het beste kunnen herkennen en behandelen, maar vooral bij mensen die pas op latere leeftijd de diagnose autisme of ADHD krijgen, kan behandeling veel opleveren. Via die pilot kreeg hij onlangs een consultatievraag van een behandelaar die vragen had over een behandeling van een oudere cliënt met kenmerken van autisme. Zij wilde toetsen of ze op de juiste weg zat. “Dat is precies waar consultatie voor bedoeld is,” vertelt Arjan. “Een korte consultatie met een expert kan dan al het verschil maken. In plaats van dat een behandeling wordt stopgezet, kan die juist met nieuw vertrouwen en inzicht worden voortgezet.”
Samen denken in plaats van beoordelen
Consultatie draait voor Arjan niet om het geven van kant-en-klare antwoorden, maar om het delen van een denkproces. Hij begint vaak met vragen: ‘wat zien we eigenlijk, waar zit de zorg precies?’ Door hardop over die vragen na te denken, deelt hij ook zijn manier van redeneren. “De vrager leert dan niet alleen iets over de casus, maar ook over de manier van kijken en kan dat ook bij andere casussen weer toepassen.”
Zo kan een kleine verschuiving in perspectief al veel doen. Soms blijkt dat een vermoeden van autisme terecht is, soms blijkt het iets heel anders te zijn, maar bijna altijd ontstaat er ruimte om verder te denken. “Consultatie is collegiaal meedenken, geen toetsmoment,” benadrukt Arjan. “Het is een gedeelde nieuwsgierigheid.”
Die wederkerigheid maakt consultatie voor hem zo waardevol. Arjan geeft niet alleen consultatie, maar vraagt het ook regelmatig zelf. “Niet zo lang geleden waren wij ervan overtuigd dat een patiënt uitbehandeld was. We vroegen consultatie aan bij een andere instelling en daaruit bleek dat er juist nog volop mogelijkheden waren. Dat was een belangrijk moment van reflectie: “Het is goed om te weten dat we allemaal blinde vlekken hebben. Niemand ziet alles.”
Consultatie eerder inzetten
Arjan merkt dat consultatie vaak pas wordt ingeschakeld wanneer een behandeling is vastgelopen. Dat patroon zou volgens hem anders kunnen. “We zouden consultatie moeten zien als een gewoon onderdeel van de behandelcyclus, net als evaluatie of supervisie,” zegt hij. “Door consultatie te normaliseren verlaag je de drempel om hulp te vragen.” Juist in een vroeg stadium, nog voordat de patiënt stagneert, kan een kort overleg met experts buiten de instelling richting geven. “Het gaat er niet om dat iemand anders het beter weet,” legt hij uit, “maar dat je samen scherper leert kijken.” “Via de pilot Consulatie in de GGZ kan ik nu op een simpele manier consultatie aan collega’s buiten mijn organisatie geven, ik hoop dat consulatie hiermee wordt genormaliseerd en eerder wordt ingezet.”
Zichtbare winst voor de patiënt én voor het team
De voordelen van consultatie reiken verder dan alleen degene die consultatie vraagt. Voor de patiënt betekent het vaak meer continuïteit: de eigen therapeut blijft betrokken en daardoor wordt onnodig doorverwijzen voorkomen. Ook helpt het om langdurige behandelingen kritisch te bekijken. “Soms gaat een behandeling te lang door zonder dat het echt waarde heeft. Even overleggen kan dan leiden tot een bijsturing of soms tot een afronding. Dat maakt de zorg effectiever, korter, en uiteindelijk menselijker.”
Daarnaast heeft consultatie een lerend effect op teams. Wat iemand in een individueel consult oppikt, deelt hij vaak met collega’s waardoor de collectieve deskundigheid groeit. “Zo werkt het als een olievlek,” zegt Videler. “Je beantwoordt één vraag, maar het levert kennis op voor het hele team.”
Twijfel als teken van professionaliteit
Toch merkt hij ook dat het lef vraagt om een consultatievraag te stellen. “Het vergt zelfvertrouwen om te zeggen: ik weet het even niet. Veel behandelaren zijn gewend dat ze het zelf moeten kunnen. Maar juist het durven twijfelen is een teken van professionaliteit.”
Hij ziet dat de collega’s die openstaan voor consultatie vaak belangrijke eigenschappen bezitten: ze zijn nieuwsgierig, leergierig en bereid om te reflecteren. “Twijfel mag gezien worden,” zegt hij. “Als je een vraag stelt, doe je dat niet omdat je iets niet weet, maar omdat je beter wilt worden.”
Leren door voorbeeldgedrag
Arjan herinnert zich nog zijn eerste ervaring met consultatie, toen hij zelf nog een beginnend behandelaar was. De psychiater waar hij mee werkte zei: “laten we er iemand bij halen die hier meer van weet. Dat was voor mij een eyeopener. Ze liet zien dat het helemaal oké is om niet alles te weten.” Die houding wil hij zelf nu ook uitdragen, juist als ervaren behandelaar. “Als mensen met ervaring openlijk zeggen dat ze ook weleens twijfelen, verlaag je de drempel voor anderen. De beste zorg ontstaat als we onszelf toestaan om niet alles te weten, en als we samen blijven puzzelen.”