Consultatie brengt je verder, als behandelaar én als praktijk

10 maart 2026

Toen GZ-psycholoog Gerben Keujer in het behandeltraject van een patiënt vastliep,  besloot hij om consultatie te vragen via de door Akwa GGZ opgezette pilot. Hij was aangenaam verrast toen hij zijn vraag bij een expert neerlegde. Het antwoord kwam niet alleen heel snel, maar was ook inhoudelijk sterk en richtinggevend.

Inmiddels hebben meerdere collega’s van behandelpraktijk Mentaal Losser gebruik gemaakt van de pilot en krijgen alle behandelaren binnen de praktijk een eigen account om eenvoudig consultatie aan te vragen. Gerben: “Ik wil dat collega’s ervaren hoe leerzaam het is om voorbij je eigen bias te kijken.”

Gerben is NIP-psycholoog en praktijkhouder van Mentaal Losser. Daarnaast was hij lange tijd gemeenteraadslid in de gemeente Losser. In beide rollen is hij gewend om over grenzen heen te kijken en samenwerking te organiseren. Consultatie past volgens hem naadloos bij die manier van werken. “Wij hebben veel expertise in huis, maar niemand weet alles. Waarom zou je de kennis die er is niet aanvullen met wat buiten je eigen instelling beschikbaar is?”

Snel advies

Het aanmelden voor consultatie bleek eenvoudig. Een account is snel aangemaakt en het stellen van een vraag spreekt voor zich. Juist die eenvoud is voor Gerben essentieel. “In de dagelijkse praktijk heeft iedereen het druk. Als iets veel extra handelingen vraagt, is de kans groot dat het niet gebeurt.” Volgens hem sluit de pilot daarom goed aan bij de dagelijkse praktijk.

Wat hem daarnaast positief verraste, was de inhoudelijke kwaliteit van het antwoord dat hij kreeg. Gerben stelde een vraag over een jongvolwassen patiënt met autisme en ernstige piekerklachten. “We merkten dat we in de behandelgesprekken in een cognitieve loop terechtkwamen. Wat ik ook aandroeg, het werd weer nieuwe input om te twijfelen. Ik had dat nog nooit zo meegemaakt.” De expert aan wie hij de vraag stelde kwam met concrete, toepasbare adviezen en bood zelfs aan om met een psychiater mee te denken over het medicatiebeleid. “Het ging verder dan alleen wat heen-en-weer mailen. Dat gaf veel vertrouwen.”

Meer dan een proef

Die ervaringen met de pilot van Akwa GGZ maakten dat consultatie binnen de Mentaal Losser nu actief wordt gestimuleerd. “De adviezen zijn praktisch toepasbaar,” zegt Gerben. “Geen theoretische verhandelingen, maar iets waar je direct mee aan de slag kunt.” Het vragen van consultatie kan volgens hem helpen om richting te bepalen. In plaats van weken te blijven twijfelen of een casus steeds opnieuw intern te bespreken, kan een behandelaar sneller de behandelstrategie aanpassen. “In sommige gevallen krijg je bevestiging dat je al op het goede spoor zit. Soms opent het een nieuwe invalshoek. In beide gevallen kom je verder.” Gerben benadrukt dat consultatie ook zinvol kan zijn als je gewoon je gedachtegang wilt toetsen. “Het hoeft niet te escaleren voordat je een expert erbij betrekt.”

Bij Mentaal Losser werken meerdere regie-behandelaren, maar ook zij hebben een volle caseload. En bovendien heeft iedereen een kennisplafond. Dat laatste is volgens Gerben een belangrijk punt. De verwachting dat een regiebehandelaar alles moet weten, is niet realistisch. “We hebben allemaal onze blinde vlekken. En we hebben allemaal momenten waarop we denken: waar begin ik hier?” Juist dan is het waardevol dat er een laagdrempelige consultatiemogelijkheid is. Niet als vervanging van supervisie of intervisie, maar als aanvulling.

Teamcultuur

Naast winst in individuele behandelingen, gebeurt er ook iets op teamniveau. Want consultatievragen blijven niet op zichzelf staan. Ze worden besproken in MDO’s en gedeeld tijdens casusbesprekingen. “Mensen zeggen sneller: zullen we hier eens extern naar laten kijken?” merkt Gerben. Hij wil uitstralen dat om advies vragen geen zwakte is, maar juist laat zien dat je in staat bent te reflecteren op je eigen handelen.

Dat heeft effect op de cultuur binnen de praktijk. Het idee dat je alles zelf moet kunnen, maakt langzaam plaats voor een andere norm: professioneel samenwerken betekent ook dat je expertise van buiten durft te benutten en om advies durft te vragen. “Het haalt een deel van de werkdruk eraf,” zegt hij. “Je hoeft het niet alleen te dragen.” Voor een praktijkhouder is dat minstens zo belangrijk als de inhoudelijke winst. Werkplezier en professionele veiligheid hangen volgens Gerben samen met de ruimte om vragen te stellen.

Deskundigheidsbevordering

Wat begon als een individuele consultatievraag, groeit nu uit tot gezamenlijke deskundigheidsbevordering. Doordat consultatie steeds vaker wordt besproken binnen vaste overlegmomenten, leren collega’s ook van elkaars vragen. “Je leert van elkaars behandelkeuzes en denkprocessen,” zegt Gerben. “Het gaat niet alleen om die ene cliënt, maar om hoe wij als team kijken en handelen.”

Dat bredere effect past bij zijn visie op zorg. In zijn bestuurlijke en netwerkrollen ziet hij hoe belangrijk het is dat praktijken zich niet opsluiten in hun eigen systeem. “We zijn allemaal bezig met goede zorg leveren. Dan is het logisch dat je kennis met elkaar deelt.”

Wat levert het op?

Die verschuiving in cultuur en werkwijze vertaalt zich volgens Gerben in concrete opbrengsten. Allereerst in kwaliteit: “Je voorkomt blinde vlekken en vergroot je perspectief.” Daarnaast in tempo: “Door snel te kunnen schakelen voorkom je dat behandelingen onnodig blijven hangen.” Soms voorkom je met één consultatie dat je een cliënt moet doorverwijzen, terwijl je de behandeling eigenlijk zelf kunt voortzetten. En misschien wel het belangrijkste: in professionaliteit en samenwerking. “Door zorg gezamenlijk vorm te geven maak je het leuk en verlaag je de werkdruk.”

Zijn boodschap aan andere praktijkhouders die nog twijfelen is helder: “Probeer het gewoon eens. Het is geen extra last. Het is een verrijking. Het brengt je verder, als behandelaar én als praktijk.”